Wat is loopsporen?
Mieren volgen een geurspoor dat de eerste verkenners hebben uitgezet. Volg de rij tot waar ze naar binnen komen: een kier in de plint, een tegelvoeg, de dorpel of een kabeldoorvoer. Dat punt is belangrijker dan de plek waar ze eten. Hoopjes fijn zand tussen terrastegels of langs de gevel wijzen op een nest van de zwarte wegmier vlak bij het huis. Fijn zaagsel zonder gaatjes bij houtwerk wijst op de glanzende houtmier.
Hoe herkent u loopsporen?
Loopsporen door mieren is vaak te herkennen aan specifieke kenmerken. Als u dit symptoom constateert, is het verstandig om een professional te raadplegen voor een grondige inspectie.
Wat moet u doen bij loopsporen?
Maak foto's en noteer waar en wanneer u het heeft waargenomen.
Mieren gaan vaak gepaard met meerdere tekenen.
Laat een expert de situatie beoordelen en adviseren over de juiste aanpak.
Mieren herkennen
Mieren herkennen en de soort bepalen
Het herkennen van de juiste mierensoort is belangrijk, want de bestrijdingsaanpak verschilt per soort:
Zwarte wegmier (Lasius niger): Donkerbruin tot zwart, 3-5 mm lang. De meest voorkomende mier in Belgische huizen en tuinen. Vormt duidelijke looppaden naar voedselbronnen. Nestelt onder tegels, langs gevels en in gazon.
Faraomier (Monomorium pharaonis): Zeer klein (1,5-2 mm), geelbruin met donkerder achterlijf. Komt uitsluitend voor in verwarmde gebouwen. Bijzonder lastig te bestrijden omdat de kolonie zich bij verstoring opsplitst in meerdere nieuwe kolonies.
Houtmier (Camponotus spp.): De grootste Belgische mier (6-14 mm). Zwart, soms met roodbruin borststuk. Knaagt gangen in vochtig of rot hout voor het nest. Wijst altijd op een vochtprobleem.
Tekenen van mierenoverlast:
Lange rijen mieren die een pad volgen naar een voedselbron
Kleine zandhopen bij scheuren in bestrating, muren of voegen
Groepen mieren rond zoet voedsel, suiker of fruit
Gevleugelde mieren (koninginnen en mannetjes) die zwermen op warme zomerdagen
Houtspaanders bij houten constructiedelen (houtmieren)