Een strak gesnoeide buxus is jarenlang het pronkstuk van de Vlaamse tuin geweest. Sinds de buxusmot (Cydalima perspectalis) omstreeks 2010 ons land bereikte, is dat pronkstuk voor veel mensen een bron van frustratie geworden. De rupsen kunnen een volgroeide struik in enkele dagen volledig kaalvreten. In juli en augustus is de tweede en meest vraatzuchtige generatie actief, precies wanneer u het minst verwacht dat er nog iets misloopt. Wie de buxusmot wil bestrijden, wint door vroeg en herhaald te controleren, niet door pas in te grijpen als de haag al bruin kleurt.
Waarom de buxusmot zo snel om zich heen grijpt
De buxusmot is een exoot uit Oost-Azië die in Europa geen natuurlijke vijanden van betekenis heeft. Volgens ILVO, dat de plaag onderzoekt via het Diagnosecentrum voor Planten, heeft ze zich in enkele jaren over vrijwel heel het land verspreid. De volwassen mot zelf is onschadelijk en leeft maar kort. Het zijn de rupsen die het blad wegvreten.
Cruciaal is dat de soort meerdere generaties per jaar heeft. Het Proefcentrum voor Sierteelt en ILVO wijzen op piekmomenten in het voorjaar, in de zomer en in het najaar. Kleine, overwinterende rupsen zitten diep in de struik en beginnen bij de eerste warmte te vreten. Doordat de schade binnenin begint, valt ze vaak pas op als er al kale takken zichtbaar zijn.
De generaties in Vlaanderen
| Generatie | Actief | Kenmerk |
|---|---|---|
| Eerste | April tot mei | Overwinterde rupsen worden actief, eerste zichtbare schade |
| Tweede | Juni tot augustus | Meest omvangrijk, snelste en zwaarste vraatschade |
| Derde | September en later | Laatste rupsen, waarvan een deel overwintert in de struik |
Omdat er niet één vast bestrijdingsmoment is, werkt kalendermatig spuiten slecht. De juiste aanpak is regelmatig controleren, van het vroege voorjaar tot in het najaar, en pas behandelen zodra u actieve rupsen of verse schade ziet.
Hoe u een aantasting herkent
- Spinseldraden tussen de takjes, alsof er fijn web door de struik loopt
- Kaalgevreten takken waar alleen de groene nerven of kale twijgen overblijven
- Kleine groene rupsen met zwarte kop en zwarte lengtestrepen, tot ongeveer vier centimeter
- Zwarte, korrelige uitwerpselen en resten van vervellingen onder in de struik
- Bruine, uitgedroogde plekken die zich snel uitbreiden
Duw de takjes uit elkaar en kijk diep in de struik, want daar begint het altijd. Wie pas naar de buitenkant kijkt, ziet de plaag vaak te laat.
Wat u zelf kunt doen in de tuin
- Controleer wekelijks van maart tot september, telkens diep in de struik.
- Lees kleine aantallen rupsen weg met de hand of spuit ze met een tuinslang uit de struik.
- Snoei zwaar aangetaste delen weg en voer het snoeiafval veilig af, bijvoorbeeld via de composthoop, zodat de rupsen zich niet elders vestigen.
- Overweeg een biologisch middel bij een zware aantasting. ILVO wijst op producten op basis van Bacillus thuringiensis, een bacterie die specifiek de rupsen aanpakt. Vraag advies over correct gebruik en volg altijd het etiket.
- Houd chemie als laatste optie. In de tuin is een selectieve, biologische aanpak bijna altijd beter voor de rest van het leven in uw tuin.
Waar dit onderwerp Fortix voorbij gaat
Wees hier realistisch over wie u het best belt. De behandeling van een buxushaag is groenwerk. Voor het spuiten, snoeien en herstellen van de beplanting is een tuinaannemer of hovenier vaak de aangewezen partij, met een ruimer gamma aan biologische middelen en de kennis om uw haag te redden of te vervangen. ILVO ontwikkelt daarnaast buxussoorten die minder gevoelig zijn, en sommige tuinliefhebbers kiezen bij herhaalde kaalvraat voor een alternatief zoals Ilex crenata of Lonicera nitida.
Fortix richt zich op ongediertebestrijding in en rond de woning. Twijfelt u of wat u ziet een buxusmot is dan wel motten of rupsen die binnenshuis schade doen, dan helpen wij u graag verder. Voor de haag zelf verwijzen wij u eerlijk door naar een groenspecialist.
Conclusie en volgende stap
De buxusmot bestrijden lukt door van het voorjaar tot het najaar wekelijks te controleren, aangetaste delen te snoeien en bij een zware aantasting een biologisch middel in te zetten. Voor het groenwerk aan de haag zelf is een tuinaannemer meestal de juiste keuze. Hebt u een vraag over ongedierte in of rond uw woning, dan kunt u ons gerust bellen op +32 483 83 89 83 of een offerte aanvragen via fortix.be/offerte. Meer over onze werkwijze leest u bij ecologische bestrijding.